Archives

Kooldioxide buisleiding – Giftige wolk

Algemene beschrijving Door bijvoorbeeld graafwerkzaamheden ontstaat een breuk in een ondergrondse kooldioxide leiding. De leidingbeheerder sluit de leiding automatisch af. De kooldioxide stroomt uit de leiding tot de leiding leeg is. Er kan een giftige wolk ontstaan. Effecten Kooldioxide is een kleurloos en geurloos gas. Bij hoge concentraties in de lucht is het effect van kooldioxide vergiftiging en zuurstofgebrek.

Wanneer na de breuk het gas horizontaal vrij uitstroomt, wordt onder de heersende druk van de leiding het gas over grote afstand weggeblazen (tot ongeveer 60 m). Daarna verspreid het opgemengde gas zich verder onder invloed van de wind. Dit scenario wordt hier uitgewerkt.

Wanneer na de breuk het gas verticaal vrij uitstroomt, verspreid het zich op grote hoogte. Tijdens de expansie verdunt het CO2 zich al sterk waardoor het zich niet meer als een zwaar gas gedraagt. Daardoor is de concentratie van CO2 op de grond zodanig dat het niet meer giftig is. Dit is berekend met de bijgevoegde effectsfile. Omdat er geen effect is op grondniveau is dit scenario van verticale uitstroom niet verder uitgewerkt.

Toon alle gedetailleerde informatie Verberg alle gedetailleerde informatie

Parameters effectberekeningen
Modelleringssoftware
Effectsfile
TNO Effects 10.2: Gas release from long pipeling (Wilson model),turbulent free jet, Dense gas Toxic release.
Uitgangspunten:  
Stofnaam Kooldioxide
Initiële overdruk in de leiding  16.5 bar (representatief voor 8 – 22 bar)
Type breuk Guillotinebreuk enkelzijdige uitstroming horizontaal
Type leiding Ondergronds voorzien van automatische inbloksysteem (inblok lengte 16,9 km, totale lengte 82,7 km)
Diameter leiding  26 inch (660 mm)
Temperatuur omgeving 9 °C
Weerstabiliteitsklasse D5 (neutraal weer, windsnelheid 5 m/s)
F1,5 (stabiel weer, windsnelheid 1,5 m/s)
Resultaten:  
 Representatief massadebiet 500 kg/s
 Representatieve uitstroomduur 2 min
Kans van optreden

De kans op een breuk van een ondergrondse kooldioxide leiding is afhankelijk van diameter, wanddikte, druk en type materiaal. De standaard faalfrequentie wordt geschat op 1,5 x 10-4 per kilometer leiding per jaar. [1]

Factoren die de kans van optreden verkleinen zijn:

  • Een grotere diepteligging;
  • Bescherming van de leiding;
  • Beschermende maatregelen in de buurt van de leiding.
Effecten

Kooldioxide is een kleurloos en geurloos gas. Bij hoge concentraties in de lucht is het effect van kooldioxide vergiftiging en zuurstofgebrek[2]. De omvang van de giftige wolk is afhankelijk van de inrichting van de omgeving en de weersomstandigheden. De stof wordt opgenomen in het lichaam door inademing van het gas en kan inwerken op het centrale zenuwstelsel. Deze effecten kunnen slachtoffers veroorzaken. De concentratie is in combinatie met de blootstellingsduur bepalend voor het slachtofferbeeld[3]. Omdat CO2 zwaarder is dan lucht kan bij een drukloze uitstroming puur CO2 zich als zwaar gas gedragen. Hierdoor kan ophoping van CO2 in lager gelegen ruimtes ontstaan.

Bij een vrije horizontale uitstroming van kooldioxide uit de buisleiding ontstaat een smalle langgerekte giftige wolk. Vocht in de lucht condenseert daardoor is de wolk zichtbaar als mist. In de onderstaande tabellen en grafieken zijn de effecten van deze giftige wolk weergegeven. Afhankelijk van de afstand tot het ongeval en de omstandigheden zullen mensen overlijden (†) of raken gewond. Van zeer zwaargewond (T1) tot lichtgewond (T3). Voor de weertypen D5 en F1,5 is het slachtofferbeeld bepaald voor personen die zich buiten bevinden. Dit is uitgewerkt voor drie ringen. In de eerste ring overlijd meer dan 95 % van de aanwezigen, in de tweede tussen de 95 en 50 % en de derde tussen de 50 en 5 %. De effectafstanden van de giftige wolk voor deze ringen staan in de tabel. Aanvullend wordt in een tabel de afstand tot de interventiewaarden die de hulpverleningsdiensten gebruiken weergegeven [4].

De drie volgende geografische gebieden zijn uitgewerkt [5]:

  • Stedelijk gebied (bijv. grote steden met hoge gebouwen, industriegebieden met hoge bebouwing);
  • Verstedelijkt landelijk gebied (bijv. gebieden met dichte laagbouw, bossen en industriegebieden);
  • Landelijk gebied (bijv. landelijke gebieden met verspreid liggende laagbouw).

De tabel effectafstanden en gevolgen is aangevuld met de onderliggende grafieken met het verloop van letaliteit (percentage doden) versus afstand en letaliteitscontouren.

Weertype D5 (neutraal weer, windsnelheid 5 m/s )

Tabel effectafstanden en gevolgen voor weertype D5

D5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Slachtoffers buiten (%)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
T1T2T3
1e ring 0-2100-2500-30095 -1000 - 50 -50 - 5
Grens 1e ring:
95% letaal
210250300950 - 50 - 50- 5
2e ring210-230250-275300-33050 - 950 - 500 - 500 - 50
Grens 2e ring:
50% letaal
230275330500 - 500 - 500 - 50
3e ring230-250275-300330-3605 - 50niet bepaald
Grens 3e ring:
5% letaal
2503003605

Tabel Interventiewaarden voor weertype D5

D5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Levensbedreigende waarde (LBW) 10 minuten
Concentratie 100.000 mg/m3 (5 vol%)
310370440
Levensbedreigende waarde (LBW) 1 uur
Concentratie 100.000 mg/m3 (5 vol%)
310370440
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 10 minuten
Concentratie 50.000 mg/m3 (2,5 vol%)
450540640
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 1 uur
Concentratie 50.000 mg/m3 (2,5 vol%)
450540640
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 10 minuten
N.v.t.
N.v.t.N.v.t.N.v.t.
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 1 uur
N.v.t.
N.v.t.N.v.t.N.v.t.

Contouren giftige wolk kooldioxide voor weertype D5

Grafiek letaliteit vs. afstand kooldioxide voor weertype D5

Weertype F1,5 (stabiel weer, windsnelheid 1,5 m/s )

Tabel effectafstanden en gevolgen voor weertype F1,5

F1,5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Slachtoffers buiten (%)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
T1T2T3
1e ring 0-8200-9200-102095 -1000 - 50 -50 - 5
Grens 1e ring:
95% letaal
8209201020950 - 50 - 50- 5
2e ring820-890920-10001020-110050 - 950 - 500 - 500 - 50
Grens 2e ring:
50% letaal
89010001100500 - 500 - 500 - 50
3e ring890-9701000-11001100-12005 - 50niet bepaald
Grens 3e ring:
5% letaal
970110012005

Tabel Interventiewaarden voor weertype F1,5

F1,5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Levensbedreigende waarde (LBW) 10 minuten
Concentratie 100.000 mg/m3 (5 vol%)
120013001400
Levensbedreigende waarde (LBW) 1 uur
Concentratie 100.000 mg/m3 (5 vol%)
120013001400
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 10 minuten
Concentratie 50.000 mg/m3 (2,5 vol%)
150017001800
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 1 uur
Concentratie 50.000 mg/m3 (2,5 vol%)
150017001800
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 10 minuten
N.v.t.
N.v.t.N.v.t.N.v.t.
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 1 uur
N.v.t.
N.v.t.N.v.t.N.v.t.

 Contouren giftige wolk kooldioxide voor weertype F1,5

Grafiek letaliteit vs. afstand kooldioxide voor weertype F1,5

Zelfredzaamheid en Handelingsperspectief

Aanwezige personen zijn na het ontstaan van een giftige wolk op zichzelf en anderen aangewezen. In onderstaande afbeelding zijn mogelijke handelingsperspectieven weergegeven.

Mogelijk handelingsperspectief [6]

Afhankelijk van de situatie en de inrichting van de omgeving kan het handelingsperspectief verschillen. [7] Snel reageren is bevorderlijk. 

  • Voor personen buiten is het handelingsperspectief vluchten.
  • Indien vluchten niet mogelijk is, is een schuilplaats binnen gaan een goed handelingsperspectief.
  • Voor personen binnen is het handelingsperspectief binnen blijven en naar hoogste bouwlaag met een vlak plafond gaan [8]. Ramen en deuren sluiten en ventilatie uitzetten.

Randvoorwaarden

De onderstaande aspecten zijn mede bepalend voor de mogelijkheden op het gebied van zelfredzaamheid. Deze zijn locatie afhankelijk en staan in relatie tot elkaar.

Het verloop van het ongevalsscenario:

  • De snelheid waarmee het scenario giftige wolk zich voltrekt is afhankelijk van de (weers)omstandigheden. Afhankelijk van de windsnelheid en windrichting zal de wolk zich verspreiden. Afhankelijk van de gatgrootte en uitstroomsnelheid kan de toevoer van de giftige wolk verschillen.

Herkenbaarheid van het scenario:

  • Kooldioxide is een kleurloos en geurloos gas. Hierdoor is de wolk slecht herkenbaar.
  • Het geluid van de uitstroom van de buisleiding kan een alarmerend effect hebben.

Mate van bewustzijn van de gevaren:

  • Weten dat er een ongeval is met een buisleiding met kooldioxide
  • Weten wat de gevaren zijn van kooldioxide
  • Weten wat je moet doen in geval van een (dreigende) giftige wolk

Gesteldheid van personen:

  • Fysieke gesteldheid
  • Geestelijke gesteldheid

Aanwezige voorzieningen:

  • Mogelijkheden om van de bron af te vluchten
  • Mogelijkheden om te schuilen
Optreden Multidisciplinaire hulpverlening

Optreden brandweer (Bestrijdbaarheid)

Mogelijke taken

  • Redden en verlenen eerste hulp aan slachtoffers
  • Bepalen van het bron- en effectgebied
  • Waarschuwen van de aanwezige personen in het effectgebied
  • Afschermen van de omgeving
  • Veiligstellen van het getroffen gebied

Randvoorwaarden

  • Repressieve voorbereiding
  • Snelle alarmering van de brandweer
  • Snelle opkomst van de brandweer
  • Bereikbaarheid over twee verschillende routes vanuit twee tegengestelde windstreken
  • Voldoende water om af te kunnen schermen
  • Dekkend systeem om aanwezigen in het effectgebied te waarschuwen

Optreden geneeskundige hulpverlening

De geneeskundige hulpverlening start met de processen: triage en traumabeoordeling [9]  , behandelen van slachtoffers, inrichten van een gewondennest en vervoer naar ziekenhuizen. Aandachtspunt is mogelijkheid om te kunnen keren/vertrekken voor ambulances. Na een incident verlenen omstanders hulp . Een deel van de slachtoffers komt als zelfverwijzer op de eerste hulp. Een ontsmettingsunit aan ” de poort” is bij gassen niet van belang [10].
Relevante aspecten bij de effecten van  vrijkomen van giftige stoffen zijn: aantal slachtoffers, doelgroep, type letsel en ontsmetting. Deze zijn locatie afhankelijk en staan in relatie tot elkaar.

Aantal slachtoffers

< 10
  • In beginsel zijn voldoende middelen op de ambulances aanwezig.  Voor specialistische hulpverlening aan kinderen zijn minder hulpmiddelen aanwezig waardoor middelen snel zijn uitgeput.
> 10
  • Leidraad GGB treedt in werking. [11]
> 250
  • De grens wordt bereikt van het aantal slachtoffers dat kan worden vervoerd [12]

Type slachtoffers

  • Nadat blootstelling heeft plaatsgevonden: blootstelling beëindigen en frisse lucht opzoeken. Aandachtspunt is operationele voorbereiding op het behandelen van kinderen. Dit vereist een aangepast gewondenspreidingsplan. [13]
  • Aandachtspunt is hulp aan verminderd zelfredzame personen (zorginstellingen).
  • Aandachtspunt is het snel kunnen waarschuwen van de bevolking via een voorbereide NL-alert met handelingsperspectief. Dit is om blootstelling te voorkomen en kostbare tijd (en mogelijk levens te redden) te verliezen met wachten op advies van experts. [14].

Type letsel

  • Kooldioxide kan bij te hoge blootstelling de pH-waarde van het bloed beïnvloeden, met veel verschillende soorten effecten tot gevolg. Onder andere beïnvloeding van de ademhaling, effecten op hart- en bloedvaten en neurologische effecten. 
  • Bij inhalatie kan de ernst van de situatie eventueel worden bepaald middels een bloedgasbepaling (in ieder geval koolzuurgehalte en pH) in het ziekenhuis.

Optreden politie en gemeente (Hulpverlening)

Mogelijke taken

Politie

  • Afzetten van het effectgebied
  • Aanwezige personen in het effectgebied laten schuilen of vluchten
  • Gidsen van brandweervoertuigen en ambulances

 

Gemeente

  • Opvang en verzorging van personen uit het effectgebied
  • Voorlichting/communicatie over het ongeval
  • Registreren van slachtoffers

Randvoorwaarden

Politie

  • Operationele voorbereiding op het afzetten van een groot effectgebied
  • Voldoende mensen en middelen om het effectgebied af te kunnen zetten
  • Een operationeel mobiliteitsplan

Gemeente

  • Operationele voorbereiding op het opvangen en verzorgen van personen uit het effectgebied
  • Voldoende locaties en personeel voor de opvang en verzorging van personen uit het effectgebied
  • Operationeel voorlichting- en communicatieplan.
Maatregelen

Kansbeperkend

Maatregel Werking van de maatregel
Wegnemen van de risicobron Het wegnemen van de risicobron neemt de kans op het scenario weg.
Afdekken met platen De platen beschermen de leiding tegen beschadiging bij graafwerkzaamheden.
Plaatsen van een aarde of zand op de leiding Het verhogen van de grond  verkleind de kans op beschadiging bij graafwerkzaamheden.

Effect en gevolgbeperkend

Maatregel Werking van de maatregel
Afstand houden tot activiteit met gevaarlijke stoffen Dicht bij de plaats van het scenario zijn de effecten het meest merkbaar. De concentratie neemt af naarmate de afstand toeneemt.
Verdeling typen gebouwen Door rekening te houden met het type bebouwing kan het aantal mogelijke slachtoffers bij het scenario worden beperkt. Dat kan bijvoorbeeld door het zodanig verdelen van gebouwen in een gebied dat de meer kwetsbare gebouwen worden beschermd door minder kwetsbare gebouwen.
Venstertijden Door gebruik te maken van venstertijden voor het verladen worden de risicovolle en kwetsbare activiteiten gescheiden.  
Obstakels toevoegen Er kan geprobeerd worden om met obstakels de verspreiding van een gifwolk te vertragen of zodanig turbulentie te creëren dat de gifwolk mengt met de omringende lucht.
Rekening houden met windrichting De overheersende windrichting in Nederland is uit het zuidwesten. Door kwetsbare functies niet in de overheersende windrichting vanaf de risicobron te plaatsen, kunnen slachtoffer mogelijk voorkomen worden.

Bevordering van de zelfredzaamheid

Maatregel Werking van de maatregel
Duidelijke vluchtroutes aanbrengen Door duidelijke vluchtroutes aan te brengen kunnen mensen het gebied gemakkelijker verlaten. 
Risicocommunicatie Door te communiceren over de mogelijke scenario’s in een gebied het bete handelingsperspectief worden mensen zich meer bewust van wat ze moeten doen bij het scenario.
Onderhouden schuilplaatsen en vluchtwegen Onderhoud van schuilplaatsen en vluchtwegen is belangrijk, zodat ten alle tijden van een ongeval de schuil- en vluchtmogelijkheden bereikbaar en inzetbaar zijn.
De (bedrijfs)noodplannen oefenen op een gifwolk Door te oefenen met het gifwolkscenario in de (bedrijfs)noodplannen weten de werknemers wat ze moeten doen in het geval van een echte calamiteit.

Bevordering van de hulpverlening

Maatregel Werking van de maatregel
Werkende communicatiemiddelen Tijdens een ongeval met gevaarlijke stoffen vindt veel van de communicatie plaatst via radio, internet en telefoon. Het is hierbij van belang dat zendmasten op afstand van de activiteiten met gevaarlijke stoffen staan, zodat deze ook tijdens een ongeval werken.
Waarschuwingsmiddelen Voor een snelle en effectieve waarschuwing tijdens een ongeval met gevaarlijke stoffen is het van belang dat een waarschuwingssysteem de mensen in het effectgebied kan bereiken.
Afstemming hulpdiensten Het handelingsperspectief dat aan mensen wordt geboden ten tijden van een ongeval met gevaarlijke stoffen moet worden afgestemd met de inzet van hulpdiensten, zodat de inzet van de hulpdiensten kan aansluiten bij dit handelingsperspectief.
Voorbeeld

De beheergroep heeft geen beeld en/of filmmateriaal gevonden van een giftige wolk bij een kooldioxide leiding. Suggesties kunnen gemaild worden naar info@scenarioboekev.nl 

  1.   Handleiding Risicoberekeningen Bevb – versie 2.0 – module D – pag 7; RIVM,  juli 2014.
  2. Boven 10% kooldioxide in lucht bewusteloosheid en dodelijke afloop.
  3. Centers for disease control and prevention, US Government
  4.  Interventiewaarden worden door de hulpverleningsdiensten gebruikt om te bepalen of de bevolking moet worden gewaarschuwd interventiewaarden
  5. In Effects respectievelijk: city centre, cultivated land en open flat terrain
  6.  TNO 2015, rapport Bevorderen zelfredzaamheid spoorzone Moerdijk p. 56
  7. Het handelingsperspectief is afhankelijk van de weerscondities en het scenario. Een instantaan vrijkomende gaswolk zal eerder langsgewaaid zijn dan een langzaam vrijkomende vloeistof (plasverdamping). En hoe harder het waait hoe sneller het ergens (binnen) is voordat de ventilatie afgesloten is.
  8. Bij verdiepingen met een aansluiting op een schuin dak zijn vaker kieren waardoor buitenlucht naar binnen kan lekken
  9. De Nederlandse slachtofferregistratiekaart p.3. oktober 2006
  10. CBRN protocol  voor kooldioxide treedt niet in werking: Protocol ontsmetting in ziekenhuizen.
  11. Leidraad GGB p.12 december 2015
  12. Leidraad GGB p.10 december 2015
  13. Voor kinderen is ander materiaal benodigd. Ouders en kinderen worden bij voorkeur bij elkaar geplaatst. Dit is een complexe factor in het gewondenspreidingsplan
  14. Alarmeer de GAGS. Elke situatie is immers anders; de GAGS kan de situatie inschatten op basis van berekeningen van de AGS, klachten, etcetera.

Ketelwagen chloor – Giftige Wolk

spoor-ketelwagen-ammoniak-giftigewolkAlgemene beschrijving Door een ongeval op het spoor breekt bij een ketelwagen gevuld met tot vloeistof verdicht chloor de aansluiting van de afsluiter af. Er ontstaat een gat waardoor in korte tijd een groot deel van het chloor vrijkomt. Alle vrijgekomen chloor verdampt direct als zwaar gas en er ontstaat een giftige wolk die zich snel met de wind mee verspreidt. Effecten Het effect van een wolk chloor is vergiftiging. 

Toon alle gedetailleerde informatie Verberg alle gedetailleerde informatie

Parameters effectberekeningen
Modelleringsoftware
Effectsfile
TNO Effects 10.0.6: Two phase discharge; Spray release
en Dense gas Toxic Dispersion.
Uitgangspunten:  
Stofnaam Chloor
Stofcategorie GT4
Inhoud tank 50 m3
Vullingsgraad 76 %
Diameter uitstroomopening 75 mm [1]
Totale massa vrijgekomen 55 ton [2]
Type breuk Full bore rupture
Representatieve druk 4,9 bar
Temperatuur in de tank 9 °C
Temperatuur omgeving 9 °C
Weerstabiliteitsklasse D5 (neutraal weer, windsnelheid 5 m/s)
F1,5 (stabiel weer, windsnelheid 1,5 m/s)
Resultaat :  
Representatief massadebiet 93 kg/s
Representatieve uitstroomtijd 600 s
Na flashen geen uitregening, geen plasvorming
Kans van optreden

De kans op een giftige wolk chloor na een ongeval met een ketelwagen wordt bepaalt door de kans op een ongeval en de kans op een continue uitstroom.  Deze kans wordt per ketelwagen, per jaar, per wagenkilometer geschat op [3]:

    basis N continue uitstroom scenario
Baanvaksnelheid <40 kmh Zonder wissels 1.4 x 10 -8 4.7 x 10 -4 = 6.6 x 10 -12
Met wissels 4.7 x 10 -8 4.7 x 10 -4 = 2.2 x 10 -11
Baanvaksnelheid >40 kmh Zonder wissels 2.8 x 10 -8 1.7 x 10 -3 = 4.8 x 10 -11
Met wissels 6.1 x 10 -8 1.7 x 10 -3 = 1.0 x 10 -10

Deze kans wordt verkleind door specifieke technische maatregelen aan de ketelwagen en door de organisatorische maatregelen die genomen worden tijdens een chloortransport.

Effecten

Het effect van een wolk chloor is vergiftiging. De omvang van de giftige wolk is afhankelijk van de inrichting van de omgeving en de weersomstandigheden.

Chloorgas tast de slijmvliezen van ogen en ademhalingsorganen aan en veroorzaakt daar lichte tot sterke prikkelingen, afhankelijk van de ingeademde gasconcentraties. Bij blootstelling aan hoge concentraties ontstaat krampachtige hoest, benauwdheid, gepaard gaand met een gevoel van verstikking, ademnood en tenslotte longontsteking en longbloeding (longoedeem). Dit kan de dood tot gevolg hebben. Blootstelling van de mens aan 1000 ppm (2950 mg/m3) kan reeds bij kortstondige inademing dodelijk zijn. De wettelijke grenswaarde [4] van chloor is 1,5 mg/m3 (0,5 ppm).

In de onderstaande tabellen en grafieken zijn de effecten van de giftige wolk weergegeven. Afhankelijk van de afstand tot het ongeval en de omstandigheden zullen mensen overlijden (†) of raken gewond. Van zeer zwaargewond (T1) tot lichtgewond (T3). Voor de weertypen D5 en F1,5 is het slachtofferbeeld bepaald voor personen die zich buiten bevinden. Dit is uitgewerkt voor drie ringen. In de eerste ring overlijd meer dan 95 % van de aanwezigen, in de tweede tussen de 95 en 50 % en de derde tussen de 50 en 5 %. De effectafstanden van de giftige wolk voor deze ringen staan in de tabel. Aanvullend wordt in een tabel de afstand tot de interventiewaarden die de hulpverleningsdiensten gebruiken weergegeven [5].

De drie volgende geografische gebieden zijn uitgewerkt [6]:

  • Stedelijk gebied (bijv. grote steden met hoge gebouwen, industriegebieden met hoge bebouwing);
  • Verstedelijkt landelijk gebied (bijv. gebieden met dichte laagbouw, bossen en industriegebieden);
  • Landelijk gebied (bijv. landelijke gebieden met verspreid liggende laagbouw).

De tabel effectafstanden en gevolgen is aangevuld met de onderliggende grafieken met het verloop van letaliteit (percentage doden) versus afstand en letaliteitscontouren.

Weertype D5 (neutraal weer, windsnelheid 5 m/s )

Tabel Effectafstanden en gevolgen voor Weertype D5

D5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Slachtoffers buiten (%)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
T1T2T3
1e ring 0 - 4900 - 5700 - 75095 - 1000 - 50 - 50 - 5
Grens 1e ring:
95% letaal
490570750950 - 50 - 50 - 5
2e ring490 - 870570 - 950750 - 122050 -950 - 500 - 500 - 50
Grens 2e ring:
50% letaal
8709501220500 - 500 - 500 - 50
3e ring870 - 1540950 - 16301220 - 20305 - 50niet bepaald
Grens 3e ring:
5% letaal
1540163020305

Tabel Interventiewaarden [7] voor Weertype D5

D5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Levensbedreigende waarde (LBW) 10 minuten
Concentratie 290 mg/m3
480041004400
Levensbedreigende waarde (LBW) 1 uur
Concentratie 59 mg/m3
9300900010100
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 10 minuten
Concentratie 14 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 1 uur
Concentratie 5,9 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 10 minuten
Concentratie 1,5 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 1 uur
Concentratie 1,5 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald

Contouren giftige wolk Chloor weertype D5

Grafiek letaliteit vs. afstand Chloor weertype D5

Weertype F1,5 (stabiel weer, windsnelheid 1,5 m/s )

Tabel Effectafstanden en gevolgen voor weertype F1,5

F1,5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Slachtoffers buiten (%)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
T1T2T3
1e ring 0 - 11700 - 14400 - 172095 - 1000 - 50 - 50 - 5
Grens 1e ring:
95% letaal
117014401720950 - 50 - 50 - 5
2e ring1170 - 17001440 - 18701720 - 210050 -950 - 500 - 500 - 50
Grens 2e ring:
50% letaal
170018702100500 - 500 - 500 - 50
3e ring1700 - 22501870 - 23302100 - 25405 - 50niet bepaald
Grens 3e ring:
5% letaal
2250233025405

Tabel Interventiewaarden [[6]] voor weertype F1,5

F1,5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Levensbedreigende waarde (LBW) 10 minuten
Concentratie 290 mg/m3
210056007000
Levensbedreigende waarde (LBW) 1 uur
Concentratie 59 mg/m3
140001500015500
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 10 minuten
Concentratie 14 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 1 uur
Concentratie 5,9 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 10 minuten
Concentratie 1,5 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 1 uur
Concentratie 1,5 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald

Contouren giftige wolk Chloor weertype F1,5

Grafiek letaliteit vs. afstand Chloor weertype F1,5

Zelfredzaamheid en Handelingsperspectief

Aanwezige personen zijn na het ontstaan van een giftige wolk op zichzelf en anderen aangewezen. In onderstaande afbeelding zijn mogelijke handelingsperspectieven weergegeven.

Mogelijk handelingsperspectief [8]

Afhankelijk van de situatie en de inrichting van de omgeving kan het handelingsperspectief verschillen. [9] Snel reageren is bevorderlijk. 

  • Voor personen buiten is het handelingsperspectief vluchten (een natte doek om door te ademen vermindert de blootstelling).
  • Indien vluchten niet mogelijk is, is een schuilplaats binnen gaan een goed handelingsperspectief.
  • Voor personen binnen is het handelingsperspectief binnen blijven en naar hoogste bouwlaag met een vlak plafond gaan [10]. Ramen en deuren sluiten en ventilatie uitzetten.

Randvoorwaarden

De onderstaande aspecten zijn mede bepalend voor de mogelijkheden op het gebied van zelfredzaamheid. Deze zijn locatie afhankelijk en staan in relatie tot elkaar.

Het verloop van het ongevalsscenario:

  • De snelheid waarmee het scenario giftige wolk zich voltrekt is afhankelijk van de (weers)omstandigheden. Afhankelijk van de windsnelheid en windrichting zal de wolk zich verspreiden. Afhankelijk van de gatgrootte en uitstroomsnelheid kan de toevoer van de giftige wolk verschillen.

Herkenbaarheid van het scenario:

  • Chloorgas veroorzaakt prikkelingen aan slijmvliezen en ademhalingsorganen. De geur zal een alarmerend effect hebben.

Mate van bewustzijn van de gevaren:

  • Weten dat er een ongeval is met een chloorketelwagon
  • Weten wat de gevaren zijn van chloor
  • Weten wat je moet doen in geval van een (dreigende) giftige wolk

Gesteldheid van personen:

  • Fysieke gesteldheid
  • Geestelijke gesteldheid

Aanwezige voorzieningen:

  • Mogelijkheden om van de bron af te vluchten
  • Mogelijkheden om te schuilen
Optreden Multidisciplinaire hulpverlening

Brandweerzorg 

Dit scenario dient als voorbeeld voor de mogelijke effecten die kunnen optreden bij het vrijkomen van een giftige gaswolk. Bij dit scenario komt de hulpverlening ter plaatse na het vrijkomen van de giftige gaswolk. Daardoor ligt bij de bestrijding van het incident de nadruk op het redden, eerste hulp verlenen en transporteren van de slachtoffers naar het gewondennest.

Mogelijke taken

  • Bepalen van het bron- en effectgebied
  • Waarschuwen van de aanwezige personen in het effectgebied
  • Redden en verlenen van eerste hulp aan slachtoffers (zie slachtoffers).
  • Voorkomen en beperken van effecten op de omgeving [11]
  • Veilig inzetten van brandweereenheden in het benedenwindse gebied

Relevante aspecten

  • Repressieve voorbereiding
  • Dekkend systeem om aanwezigen in het effectgebied te waarschuwen [12]
  • Bovenwindse toegankelijkheid gebied [13]
  • Passende(grootschalige) slagkracht brandweer (zie capaciteit).
  • Opkomsttijd van de brandweer (zie opkomst/inzettijd) .
  • Effectieve (grootschalige)bluswatervoorziening (zie bluswatervoorzieningen)

Capaciteit [14]:

  • Alle slagkracht wordt ingezet in effectgebied ten behoeve van de slachtoffers.
  • Benodigde omvang slagkracht is afhankelijk van de omgeving en wordt bepaald via het commando ter plaatse (COPI) of het Regionaal Operationeel Team (ROT).[15]. Bij dit incident is uitgegaan van verstedelijkt gebied. 
  • Houdt rekening met de inzet van meerdere pelotons (4  tankautospuiten)  voor verlening van eerste hulp en transport van slachtoffers naar het gewondennest.[16]
  • Houdt rekening met de inzet van specialistische eenheden.  Meetplanorganisatie, een basis ontsmettingseenheid(BOE) ten behoeve van de hulpverleners en de grootschalige ontsmettingseenheid(GOE) ten behoeve van ondersteuning gewondennest.

 Opkomst/inzettijd [17]

Schematische weergave incident verloop grootschalig brandweer optreden

30 minuten

  • Norm opkomsttijd eerste peloton.
    De start van de hulpverlening van 1-4 tankautospuiten wordt vastgesteld via het dekkingsplan. [18]
  • Norm opkomsttijd specialistische inzetbare eenheid (SIE)
  • Norm opkomsttijd basis ontsmettingseenheid (BOE)
  • Norm opkomst eerste twee meetploegen (VE)

45 minuten

  • Beschikbaarheid aanvullend tweede peloton met een richttijd van 8 uur inzettijd

60 minuten

  • Inzettijd aanvullende grootschalige watervoorziening.
  • Norm opkomsttijd derde en vierde meetploeg(VE)
  • Norm opkomsttijd grootschalige ontsmettingseenheid (GOE) is 120 minuten[19]

Bluswatervoorziening

  • Bij dit scenario is bluswatervoorziening niet van toepassing. [20]

Indicatie bepaling capaciteit slachtoffers [21]

  • In de hectische fase komt via burgerhulp de redding op gang van slachtoffers. De prioriteit zal uitgaan naar het redden en helpen vervoeren van slachtoffers naar het gewondennest van de ambulance.
  • Noodzakelijke opschaling/bijstand wordt bepaald op basis van inschatting aantal slachtoffers.
  • Een indicatiebepaling van het aantal personen op een specifieke locatie is mogelijk via het invoeren van de effectafstanden in Bag populatieservice

 

Optreden geneeskundige hulpverlening

De geneeskundige hulpverlening start met de processen: triage en traumabeoordeling [22]  , behandelen van slachtoffers, inrichten van een gewondennest en vervoer naar ziekenhuizen. Aandachtspunt is mogelijkheid om te kunnen keren/vertrekken voor ambulances. Na een incident verlenen omstanders hulp . Een deel van de slachtoffers komt als zelfverwijzer op de eerste hulp. Een ontsmettingsunit aan ” de poort” is bij gassen niet van belang. [23] Relevante aspecten bij de effecten van  vrijkomen van giftige stoffen zijn: aantal slachtoffers, doelgroep, type letsel en ontsmetting. Deze zijn locatie afhankelijk en staan in relatie tot elkaar.

Aantal slachtoffers

< 10
  • In beginsel zijn voldoende middelen op de ambulances aanwezig.  Voor specialistische hulpverlening aan kinderen zijn minder hulpmiddelen aanwezig waardoor middelen snel zijn uitgeput.
> 10
  • Leidraad GGB treedt in werking. [24]
> 250
  • De grens wordt bereikt van het aantal slachtoffers dat kan worden vervoerd [25]

Type slachtoffers

  • Nadat blootstelling heeft plaatsgevonden: blootstelling beëindigen en frisse lucht opzoeken. Aandachtspunt is operationele voorbereiding op het behandelen van kinderen. Dit vereist een aangepast gewondenspreidingsplan. [26]
  • Aandachtspunt is hulp aan verminderd zelfredzame personen (zorginstellingen).
  • Aandachtspunt is het snel kunnen waarschuwen van de bevolking via een voorbereide NL-alert met handelingsperspectief. Dit is om blootstelling te voorkomen en kostbare tijd (en mogelijk levens te redden) te verliezen met wachten op advies van experts. [27].

Type letsel

  • Chloor is een irriterende stof die bij blootstelling vaak direct klachten geeft. Met name op de bovenste luchtwegen en de slijmvliezen van ogen, neus en keel. In combinatie met vocht ook op de huid. Bij blootstelling aan hogere concentraties kan ernstige zwelling van keel en luchtwegen, en afbraak van de slijmvliezen optreden. In zeldzame gevallen treedt direct of kort na blootstelling longoedeem op. De ernst van de klachten is onder andere afhankelijk van de concentratie in de lucht en de duur van de blootstelling. De stof geeft direct klachten. Gezondheidseffecten op lange termijn zijn, als je de korte termijn hebt overleefd, effecten die voortkomen uit letsel opgelopen in de acute fase.
    Op basis van de klachten kan de GAGS snel een inschatting maken van de ernst van de blootstelling.
  • Extra aandacht bij de operationele voorbereiding is noodzakelijk bij verhoogde kans op slachtoffers uit de groep van ouderen en kinderen.

Optreden politie en gemeente (Hulpverlening)

Mogelijke taken

Politie

  • Afzetten van het effectgebied
  • Aanwezige personen in het effectgebied laten schuilen of vluchten
  • Gidsen van brandweervoertuigen en ambulances

 

Gemeente

  • Opvang en verzorging van personen uit het effectgebied
  • Voorlichting/communicatie over het ongeval
  • Registreren van slachtoffers

Randvoorwaarden

Politie

  • Operationele voorbereiding op het afzetten van een groot effectgebied
  • Voldoende mensen en middelen om het effectgebied af te kunnen zetten
  • Een operationeel mobiliteitsplan

Gemeente

  • Operationele voorbereiding op het opvangen en verzorgen van personen uit het effectgebied
  • Voldoende locaties en personeel voor de opvang en verzorging van personen uit het effectgebied
  • Operationeel voorlichting- en communicatieplan.
Maatregelen

Kansbeperkend

Maatregel Werking van de maatregel
Wegnemen van de risicobron Het wegnemen van de risicobron neemt de kans op het scenario weg.
Begrenzen van de doorzet Minder vervoersbewegingen betekent een vermindering van het aantal keer dat het scenario zich voor kan doen en dus neemt de kans op het scenario af.

Effect en gevolgbeperkend

Maatregel Werking van de maatregel
Afstand houden tot activiteit met gevaarlijke stoffen Dicht bij de plaats van het scenario zijn de effecten het meest merkbaar. De hittestraling neemt af naarmate de afstand toeneemt.
Verdeling typen gebouwen Door rekening te houden met het type bebouwing kan het aantal mogelijke slachtoffers bij het scenario worden beperkt. Dat kan bijvoorbeeld door het zodanig verdelen van gebouwen in een gebied dat de meer kwetsbare gebouwen worden beschermd door minder kwetsbare gebouwen.
Venstertijden Door gebruik te maken van venstertijden voor het verladen worden de risicovolle en kwetsbare activiteiten gescheiden.  
Obstakels toevoegen Er kan geprobeerd worden om met obstakels de verspreiding van een gifwolk te vertragen of zodanig turbulentie te creëren dat de gifwolk mengt met de omringende lucht.
Rekening houden met windrichting De overheersende windrichting in Nederland is uit het zuidwesten. Door kwetsbare functies niet in de overheersende windrichting vanaf de risicobron te plaatsen, kunnen slachtoffer mogelijk voorkomen worden.

Bevordering van de zelfredzaamheid

Maatregel Werking van de maatregel
Duidelijke vluchtroutes aanbrengen Door duidelijke vluchtroutes aan te brengen kunnen mensen het gebied gemakkelijker verlaten. 
Risicocommunicatie Door te communiceren over de mogelijke scenario’s in een gebied het bete handelingsperspectief worden mensen zich meer bewust van wat ze moeten doen bij het scenario.
Onderhouden schuilplaatsen en vluchtwegen Onderhoud van schuilplaatsen en vluchtwegen is belangrijk, zodat ten alle tijden van een ongeval de schuil- en vluchtmogelijkheden bereikbaar en inzetbaar zijn.
De (bedrijfs)noodplannen oefenen op een gifwolk Door te oefenen met het gifwolkscenario in de (bedrijfs)noodplannen weten de werknemers wat ze moeten doen in het geval van een echte calamiteit.

Bevordering van de hulpverlening

Maatregel Werking van de maatregel
Werkende communicatiemiddelen Tijdens een ongeval met gevaarlijke stoffen vindt veel van de communicatie plaatst via radio, internet en telefoon. Het is hierbij van belang dat zendmasten op afstand van de activiteiten met gevaarlijke stoffen staan, zodat deze ook tijdens een ongeval werken.
Waarschuwingsmiddelen Voor een snelle en effectieve waarschuwing tijdens een ongeval met gevaarlijke stoffen is het van belang dat een waarschuwingssysteem de mensen in het effectgebied kan bereiken.
Afstemming hulpdiensten Het handelingsperspectief dat aan mensen wordt geboden ten tijden van een ongeval met gevaarlijke stoffen moet worden afgestemd met de inzet van hulpdiensten, zodat de inzet van de hulpdiensten kan aansluiten bij dit handelingsperspectief.
Voorbeeld

Ketelwagen Chloor – giftige wolk

  1. De effectieve gatdiameter uit de HART versie 1.1 hoofdstuk 9.3, 1 april 2015 
  2. In de HART versie 1.1 hoofdstuk 9.3, 1 april 2015 wordt 55 ton genoemd als karakteristieke tankhoeveelheid; aangenomen is dat de vullingsgraad 76% is; de tankinhoud is dan 50 m3
  3. HART versie 1.1 hoofdstuk 9.4., 1 april 2015
  4. De wettelijke grenswaarde is de maximaal toegestane concentratie van een (gevaarlijke) stof in de individuele ademhalingszone van een werknemer.
  5.  Interventiewaarden worden door de hulpverleningsdiensten gebruikt om te bepalen of de bevolking moet worden gewaarschuwd interventiewaarden
  6. In Effects respectievelijk: city centre, cultivated land en open flat terrain
  7. Risico’s van stoffen, RIVM, 13 december 2016
  8.  TNO 2015, rapport Bevorderen zelfredzaamheid spoorzone Moerdijk p. 56
  9. Het handelingsperspectief is afhankelijk van de weerscondities en het scenario. Een instantaan vrijkomende gaswolk zal eerder langsgewaaid zijn dan een langzaam vrijkomende vloeistof (plasverdamping). En hoe harder het waait hoe sneller het ergens (binnen) is voordat de ventilatie afgesloten is.
  10. Bij verdiepingen met een aansluiting op een schuin dak zijn vaker kieren waardoor buitenlucht naar binnen kan lekken
  11. Afschermen met waterschermen is mogelijk indien sprake is van een scenario met continu lekkage en via een inzet met gaspakken de lekkage wel kan worden gedicht
  12. goed werkend internet en mobiele telefonie, buurtalarmeringssysteem ten behoeve van zelfredzaamheid, risico communicatieplan toxische wolk
  13. Twee verschillende routes vanuit twee tegengestelde windstreken, bestrijding incident van twee zijden van de spoorberm  Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid 2019Hoofdstuk 4
  14. Verlies van capaciteit, die nodig voor gelijktijdige redding of eerste hulp aan slachtoffers is buitenbeschouwing gelaten, doordat deze situationeel is.
  15. De organisatie van de inzet slagkracht is regionaal afhankelijk
  16. Uitgangspunt: in het incidentgebied zullen brandweervoertuigen worden ingezet waar met ademlucht slachtoffers buiten worden vervoerd. Ook zal nacontrole van woningen plaatsvinden.
  17. Visie Grootschalig Brandweer Optreden 2012-2016 en
    Doorontwikkeling Grootschalig Brandweer Optreden(GBO) september 2018 visie 2.0
  18. Norm inzetbaarheid eerste basispeloton (alle 4 tankautospuiten) is 30 minuten  doorontwikkeling Grootschalig Brandweeroptreden p20
  19. Eerste hulp maatregelen in het veld: spoelen ogen, spoelen chemische wonden, vrijgave slachtoffers zal organoleptisch plaatsvinden of via verwijderen buitenste kleding. De geurdrempel van 0,05 ppm is niet meetbaar.
  20. In geval van een kleiner lek kan incidentbestrijding worden gericht op het dichten van het lek met gaspakken en afschermen met waterschermen via verdunnen/ opwervelen chloorwolk. In dat geval is de benodigde capaciteit 6000 l/min voor 4 voor 3 tankautospuiten 3x2000l/min.(Peloton Grootschalige watervoorziening: Capaciteit: 2×4000 l/min over 1 km of 2 x 2000l/min over 2,5 km. Afstand locatie tot geschikte waterwinplaats en slangenweg bepaalt de inzettijd>1,5 uur.) Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid 2019bijlage 3
  21. Visie Grootschalig Brandweer Optreden 2012-2016 en Doorontwikkeling Grootschalig Brandweer Optreden(GBO) september 2018 visie 2.0
  22. De Nederlandse slachtofferregistratiekaart p.3. oktober 2006
  23. CBRN protocol  voor Chloor gas treed niet in werking: Protocol ontsmetting in ziekenhuizen.
  24. Leidraad GGB p.12 december 2015
  25. Leidraad GGB p.10 december 2015
  26. Voor kinderen is ander materiaal benodigd. Ouders en kinderen worden bij voorkeur bij elkaar geplaatst. Dit is een complexe factor in het gewondenspreidingsplan
  27. Alarmeer de GAGS. Elke situatie is immers anders; de GAGS kan de situatie inschatten op basis van berekeningen van de AGS, klachten, etcetera.

Tankwagen Ammoniak – giftige wolk

weg tankwagen ammoniak giftigewolk
Algemene beschrijving Door een ongeval op de weg breekt bij een tankauto gevuld met ammoniak de aansluiting van de afsluiter af. Er ontstaat een gat waardoor in korte tijd een groot deel van de ammoniak vrijkomt. Alle vrijgekomen ammoniak verdampt direct en er ontstaat een giftige wolk die zich snel met de wind mee verspreidt. Effecten Het effect van een wolk ammoniak is vergiftiging.

Toon alle gedetailleerde informatie Verberg alle gedetailleerde informatie

Parameters effectberekeningen
Modelleringssoftware
Effectsfile
TNO Effects 10.0.5: Two phase discharge; Spray release en Dense gas Toxic release.
Uitgangspunten:  
Stofnaam Ammoniak
Stofcategorie GT3
Inhoud tank 29 m3
Vullingsgraad 88%
Diameter uitstroomopening 50 mm [1]
Totale massa vrijgekomen 16 ton [2]
Type breuk Full bore rupture
Druk in tank 5.9 bar
Temperatuur in de tank 9 °C
Temperatuur omgeving 9 °C
Weerstabiliteitsklasse D5 (neutraal weer, windsnelheid 5 m/s)
F1,5 (stabiel weer, windsnelheid 1,5 m/s)
Resultaten:  
Representatief massadebiet 30 kg/s (geen uitregening, 82% vloeistofdruppels in wolk, geen plasvorming.)
Representatieve uitstroomtijd 533 s
[/ezcol_1half_end]
Kans van optreden

De kans op een giftige wolk na een ongeval met een tankwagen ammoniak wordt bepaalt door de kans op een ongeval, de kans dat daarbij ammoniak uitstroomt en de kans op een continue uitstroming. Deze kans wordt per tankwagen, per jaar, per weg-kilometer geschat op [3] :

   N ongeval N uitstroming  N continue uitstroming N scenario
Binnen bebouwde kom 5.9 x 10-7  0.0018     0.65 = 6.9 x 10-10
Buiten bebouwde kom 3.6 x 10-7 0.0102 0.65 = 2.4 x 10-9
Autosnelweg  8.3 x 10-8 0.0156 0.65 = 8.4 x 10-10

Factoren die de kans van optreden verkleinen zijn:

  • Het aantal transportbewegingen verminderen;
  • Weginrichting optimaliseren (bijvoorbeeld door het beperken van bochten, kruisingen, wegversmallingen, in-en uitvoegstroken);
  • Toegestane rijsnelheid verlagen;
  • Wegen met vluchtstrook.
Effecten

Hoewel ammoniak brandbaar is, vindt ontsteking alleen plaats onder specifieke omstandigheden én er is een sterke ontstekingsbron voor nodig. In dit scenario is brand onwaarschijnlijk. Het enige effect van een wolk ammoniak is vergiftiging. De omvang van de giftige wolk is afhankelijk van de inrichting van de omgeving en de weersomstandigheden.

Ammoniak is een kleurloos, giftig gas met een uitgesproken prikkelende geur. Het tast de slijmvliezen en de ademhalingsorganen aan en irriteert zeer sterk de ogen. Inademing van ammoniak kan leiden tot onherstelbare schade aan de longen. Bij inademing van hoge concentraties treedt verlamming van de ademhaling op en al snel verstikking. Dit beperkt de mogelijkheden om te vluchten uit een gebied waar aanwezigen worden blootgesteld aan ammoniak.

In de onderstaande tabellen en grafieken zijn de effecten van de giftige wolk weergegeven. Afhankelijk van de afstand tot het ongeval en de omstandigheden zullen mensen overlijden (†) of raken gewond. Van zeer zwaargewond (T1) tot lichtgewond (T3). Voor de weertypen D5 en F1,5 is het slachtofferbeeld bepaald voor personen die zich buiten bevinden. Dit is uitgewerkt voor drie ringen. In de eerste ring overlijd meer dan 95 % van de aanwezigen, in de tweede tussen de 95 en 50 % en de derde tussen de 50 en 5 %. De effectafstanden van de giftige wolk voor deze ringen staan in de tabel. Aanvullend wordt in een tabel de afstand tot de interventiewaarden die de hulpverleningsdiensten gebruiken weergegeven [4].

De drie volgende geografische gebieden zijn uitgewerkt [5]:

  • Stedelijk gebied (bijv. grote steden met hoge gebouwen, industriegebieden met hoge bebouwing);
  • Verstedelijkt landelijk gebied (bijv. gebieden met dichte laagbouw, bossen en industriegebieden);
  • Landelijk gebied (bijv. landelijke gebieden met verspreid liggende laagbouw).

De tabel effectafstanden en gevolgen is aangevuld met de onderliggende grafieken met het verloop van letaliteit (percentage doden) versus afstand en letaliteitscontouren.

Weertype D5 (neutraal weer, windsnelheid 5 m/s )

Tabel effectafstanden en gevolgen voor weertype D5

D5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Slachtoffers buiten (%)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
T1T2T3
1e ring 0 - 650 - 650 - 9595 -1000 - 50 -50 - 5
Grens 1e ring:
95% letaal
656595950 - 50 - 50- 5
2e ring65 - 8565 - 12095 - 17550 - 950 - 500 - 500 - 50
Grens 2e ring:
50% letaal
85120175
500 - 500 - 500 - 50
3e ring85 - 100120 - 210175 - 3005 - 50niet bepaald
Grens 3e ring:
5% letaal
1002103005

Tabel Interventiewaarden voor weertype D5

D5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Levensbedreigende waarde (LBW) 10 minuten
Concentratie 1900 mg/m3
120
540720
Levensbedreigende waarde (LBW) 1 uur
Concentratie 780 mg/m3
14010001200
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 10 minuten
Concentratie 200 mg/m3
19035003700
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 1 uur
Concentratie 140 mg/m3
21040004300
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 10 minuten
Concentratie 21 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 1 uur
Concentratie 21 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald

Contouren giftige wolk Ammoniak voor weertype D5

Grafiek letaliteit vs. afstand Ammoniak voor weertype D5

Weertype F1,5 (stabiel weer, windsnelheid 1,5 m/s )

Tabel effectafstanden en gevolgen voor weertype F1,5

F1,5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Slachtoffers buiten (%)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
T1T2T3
1e ring 0 - 800 - 1050 - 13595 - 1000 - 50 - 50 - 5
Grens 1e ring:
95% letaal
80105135950 - 50 - 50 - 5
2e ring80 - 135105 - 225135 - 31550 - 950 -500 -500 -50
Grens 2e ring:
50% letaal
135225315
500 -500 -500 -50
3e ring135 - 145225 - 405315 - 5305 - 50niet bepaald
Grens 3e ring:
5% letaal
1454053505

Tabel Interventiewaarden voor weertype F1,5

F1,5Stedelijk
gebied
Verstedelijkt
gebied
Landelijk
gebied
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Lengte
(meter)
Levensbedreigende waarde (LBW) 10 minuten
Concentratie 1900 mg/m3
150 12001500
Levensbedreigende waarde (LBW) 1 uur
Concentratie 780 mg/m3
150 19502500
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 10 minuten
Concentratie 200 mg/m3
15547005700
Alarmeringsgrenswaarde (AGW) 1 uur
Concentratie 140 mg/m3
15560007100
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 10 minuten
Concentratie 21 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Voorlichtingsrichtwaarde (VRW) 1 uur
Concentratie 21 mg/m3
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald
Kan niet goed
worden bepaald

 Contouren giftige wolk Ammoniak voor weertype F1,5

Grafiek letaliteit vs. afstand Ammoniak voor weertype F1,5

Zelfredzaamheid en Handelingsperspectief

Aanwezige personen zijn na het ontstaan van een giftige wolk op zichzelf en anderen aangewezen. In onderstaande afbeelding zijn mogelijke handelingsperspectieven weergegeven.

Mogelijk handelingsperspectief [6]

Afhankelijk van de situatie en de inrichting van de omgeving kan het handelingsperspectief verschillen. [7] Snel reageren is bevorderlijk. 

  • Voor personen buiten is het handelingsperspectief vluchten (een natte doek om door te ademen vermindert de blootstelling).
  • Indien vluchten niet mogelijk is, is een schuilplaats binnen gaan een goed handelingsperspectief.
  • Voor personen binnen is het handelingsperspectief binnen blijven en naar hoogste bouwlaag met een vlak plafond gaan [8]. Ramen en deuren sluiten en ventilatie uitzetten.

Randvoorwaarden

De onderstaande aspecten zijn mede bepalend voor de mogelijkheden op het gebied van zelfredzaamheid. Deze zijn locatie afhankelijk en staan in relatie tot elkaar.

Het verloop van het ongevalsscenario:

  • De snelheid waarmee het scenario giftige wolk zich voltrekt is afhankelijk van de (weers)omstandigheden. Afhankelijk van de windsnelheid en windrichting zal de wolk zich verspreiden. Afhankelijk van de gatgrootte en uitstroomsnelheid kan de toevoer van de giftige wolk verschillen.

Herkenbaarheid van het scenario:

  • Ammoniak is een kleurloos, giftig gas met een uitgesproken prikkelende geur. De geur zal een alarmerend effect hebben.

Mate van bewustzijn van de gevaren:

  • Weten dat er een ongeval is met een ammoniaktankwagen
  • Weten wat de gevaren zijn van ammoniak [9]
  • Weten wat je moet doen in geval van een (dreigende) giftige wolk

Gesteldheid van personen:

  • Fysieke gesteldheid
  • Geestelijke gesteldheid

Aanwezige voorzieningen:

  • Mogelijkheden om van de bron af te vluchten
  • Mogelijkheden om te schuilen
Optreden Multidisciplinaire hulpverlening

Brandweerzorg 

Dit scenario dient als voorbeeld voor de mogelijke effecten die kunnen optreden bij het vrijkomen van een giftige gaswolk. Bij dit scenario komt de hulpverlening ter plaatse na het vrijkomen van de giftige gaswolk. Daardoor ligt bij de bestrijding van het incident de nadruk op het redden, eerste hulp verlenen en transporteren van de slachtoffers naar het gewondennest.

Mogelijke taken

  • Bepalen van het bron- en effectgebied
  • Waarschuwen van de aanwezige personen in het effectgebied
  • Redden en verlenen van eerste hulp aan slachtoffers (zie slachtoffers).
  • Voorkomen en beperken van effecten op de omgeving [10]
  • Veilig inzetten van brandweereenheden in het benedenwindse gebied

Relevante aspecten

  • Repressieve voorbereiding
  • Dekkend systeem om aanwezigen in het effectgebied te waarschuwen [11]
  • Bovenwindse toegankelijkheid gebied [12]
  • Passende(grootschalige) slagkracht brandweer (zie capaciteit).
  • Opkomsttijd van de brandweer (zie opkomst/inzettijd) .
  • Effectieve (grootschalige)bluswatervoorziening (zie bluswatervoorzieningen)

Capaciteit [13]:

  • Alle slagkracht wordt ingezet in effectgebied ten behoeve van de slachtoffers.
  • Benodigde omvang slagkracht is afhankelijk van de omgeving en wordt bepaald via het commando ter plaatse (COPI) of het Regionaal Operationeel Team (ROT).[14]. Bij dit incident is uitgegaan van verstedelijkt gebied. 
  • Houdt rekening met de inzet van meerdere pelotons (4  tankautospuiten)  voor verlening van eerste hulp en transport van slachtoffers naar het gewondennest.[15]
  • Houdt rekening met de inzet van specialistische eenheden zoals meetplan organisatie en een basis ontsmettingseenheid(BOE) ten behoeve van de hulpverleners.

 Opkomst/inzettijd [16]

Schematische weergave incident verloop grootschalig brandweer optreden

30 minuten

  • Norm opkomsttijd eerste peloton.
    De start van de hulpverlening van 1-4 tankautospuiten wordt vastgesteld via het dekkingsplan. [17]
  • Norm opkomsttijd specialistische inzetbare eenheid (SIE)
  • Norm opkomsttijd basis ontsmettingseenheid (BOE)
  • Norm opkomst eerste twee meetploegen (VE)

45 minuten

  • Beschikbaarheid aanvullend tweede peloton met een richttijd van 8 uur inzettijd

60 minuten

  • Inzettijd aanvullende grootschalige watervoorziening.
  • Norm opkomsttijd derde en vierde meetploeg(VE).

Bluswatervoorziening

  • Bij dit scenario is bluswatervoorziening niet van toepassing. [18]

Indicatie bepaling capaciteit slachtoffers [19]

  • In de hectische fase komt via burgerhulp de redding op gang van slachtoffers. De prioriteit zal uitgaan naar het redden en helpen vervoeren van slachtoffers naar het gewondennest van de ambulance.
  • Noodzakelijke opschaling/bijstand wordt bepaald op basis van inschatting aantal slachtoffers.
  • Een indicatiebepaling van het aantal personen op een specifieke locatie is mogelijk via het invoeren van de effectafstanden in Bag populatieservice

Optreden geneeskundige hulpverlening

De geneeskundige hulpverlening start met de processen: triage en traumabeoordeling [20]  , behandelen van slachtoffers, inrichten van een gewondennest en vervoer naar ziekenhuizen. Aandachtspunt is mogelijkheid om te kunnen keren/vertrekken voor ambulances. Na een incident verlenen omstanders hulp . Een deel van de slachtoffers komt als zelfverwijzer op de eerste hulp. Een ontsmettingsunit aan ” de poort” is bij gassen niet van belang. [21] Relevante aspecten bij de effecten van  vrijkomen van giftige stoffen zijn: aantal slachtoffers, doelgroep, type letsel en ontsmetting. Deze zijn locatie afhankelijk en staan in relatie tot elkaar.

Aantal slachtoffers

< 10
  • In beginsel zijn voldoende middelen op de ambulances aanwezig.  Voor specialistische hulpverlening aan kinderen zijn minder hulpmiddelen aanwezig waardoor middelen snel zijn uitgeput.
> 10
  • Leidraad GGB treedt in werking. [22]
> 250
  • De grens wordt bereikt van het aantal slachtoffers dat kan worden vervoerd [23]

Type slachtoffers

  • Nadat blootstelling heeft plaatsgevonden: blootstelling beëindigen en frisse lucht opzoeken. Aandachtspunt is operationele voorbereiding op het behandelen van kinderen. Dit vereist een aangepast gewondenspreidingsplan. [24]
  • Aandachtspunt is hulp aan verminderd zelfredzame personen (zorginstellingen).
  • Aandachtspunt is het snel kunnen waarschuwen van de bevolking via een voorbereide NL-alert met handelingsperspectief. Dit is om blootstelling te voorkomen en kostbare tijd (en mogelijk levens te redden) te verliezen met wachten op advies van experts. [25].

Type letsel

  • Ammoniak is een irriterende stof die bij blootstelling vaak direct klachten geeft. Met name op de bovenste luchtwegen en de slijmvliezen van ogen, neus en keel. In combinatie met vocht ook op de huid. Bij blootstelling aan hogere concentraties kan ernstige zwelling van de keel en luchtwegen, en afbraak van de slijmvliezen optreden. In zeldzame gevallen treedt direct of kort na blootstelling longoedeem op. De ernst van de klachten is onder andere afhankelijk van de concentratie in de lucht en de duur van de blootstelling. De stof geeft direct klachten. Gezondheidseffecten op lange termijn zijn, als je de korte termijn hebt overleefd, effecten die voortkomen uit letsel opgelopen in de acute fase.
    Op basis van de klachten kan de GAGS snel een inschatting maken van de ernst van de blootstelling.
  • Extra aandacht bij de operationele voorbereiding is noodzakelijk bij verhoogde kans op slachtoffers uit de groep van ouderen en kinderen.

Optreden politie en gemeente (Hulpverlening)

Mogelijke taken

Politie

  • Afzetten van het effectgebied
  • Aanwezige personen in het effectgebied laten schuilen of vluchten
  • Gidsen van brandweervoertuigen en ambulances

 

Gemeente

  • Opvang en verzorging van personen uit het effectgebied
  • Voorlichting/communicatie over het ongeval
  • Registreren van slachtoffers

Randvoorwaarden

Politie

  • Operationele voorbereiding op het afzetten van een groot effectgebied
  • Voldoende mensen en middelen om het effectgebied af te kunnen zetten
  • Een operationeel mobiliteitsplan

Gemeente

  • Operationele voorbereiding op het opvangen en verzorgen van personen uit het effectgebied
  • Voldoende locaties en personeel voor de opvang en verzorging van personen uit het effectgebied
  • Operationeel voorlichting- en communicatieplan.
Maatregelen

Kansbeperkend

Maatregel Werking van de maatregel
Wegnemen van de risicobron Het wegnemen van de risicobron neemt de kans op het scenario weg.
Begrenzen van de doorzet Minder vervoersbewegingen betekent een vermindering van het aantal keer dat het scenario zich voor kan doen en dus neemt de kans op het scenario af.

Effect en gevolgbeperkend

Maatregel Werking van de maatregel
Afstand houden tot activiteit met gevaarlijke stoffen Dicht bij de plaats van het scenario zijn de effecten het meest merkbaar. De hittestraling neemt af naarmate de afstand toeneemt.
Verdeling typen gebouwen Door rekening te houden met het type bebouwing kan het aantal mogelijke slachtoffers bij het scenario worden beperkt. Dat kan bijvoorbeeld door het zodanig verdelen van gebouwen in een gebied dat de meer kwetsbare gebouwen worden beschermd door minder kwetsbare gebouwen.
Venstertijden Door gebruik te maken van venstertijden voor het verladen worden de risicovolle en kwetsbare activiteiten gescheiden.  
Obstakels toevoegen Er kan geprobeerd worden om met obstakels de verspreiding van een gifwolk te vertragen of zodanig turbulentie te creëren dat de gifwolk mengt met de omringende lucht.
Rekening houden met windrichting De overheersende windrichting in Nederland is uit het zuidwesten. Door kwetsbare functies niet in de overheersende windrichting vanaf de risicobron te plaatsen, kunnen slachtoffer mogelijk voorkomen worden.

Bevordering van de zelfredzaamheid

Maatregel Werking van de maatregel
Duidelijke vluchtroutes aanbrengen Door duidelijke vluchtroutes aan te brengen kunnen mensen het gebied gemakkelijker verlaten. 
Risicocommunicatie Door te communiceren over de mogelijke scenario’s in een gebied het bete handelingsperspectief worden mensen zich meer bewust van wat ze moeten doen bij het scenario.
Onderhouden schuilplaatsen en vluchtwegen Onderhoud van schuilplaatsen en vluchtwegen is belangrijk, zodat ten alle tijden van een ongeval de schuil- en vluchtmogelijkheden bereikbaar en inzetbaar zijn.
De (bedrijfs)noodplannen oefenen op een gifwolk Door te oefenen met het gifwolkscenario in de (bedrijfs)noodplannen weten de werknemers wat ze moeten doen in het geval van een echte calamiteit.

Bevordering van de hulpverlening

Maatregel Werking van de maatregel
Werkende communicatiemiddelen Tijdens een ongeval met gevaarlijke stoffen vindt veel van de communicatie plaatst via radio, internet en telefoon. Het is hierbij van belang dat zendmasten op afstand van de activiteiten met gevaarlijke stoffen staan, zodat deze ook tijdens een ongeval werken.
Waarschuwingsmiddelen Voor een snelle en effectieve waarschuwing tijdens een ongeval met gevaarlijke stoffen is het van belang dat een waarschuwingssysteem de mensen in het effectgebied kan bereiken.
Afstemming hulpdiensten Het handelingsperspectief dat aan mensen wordt geboden ten tijden van een ongeval met gevaarlijke stoffen moet worden afgestemd met de inzet van hulpdiensten, zodat de inzet van de hulpdiensten kan aansluiten bij dit handelingsperspectief.
Voorbeeld

Incident : tankwagen ammoniak- giftige wolk
Locatie : USA
Bron: https://www.youtube.com/watch?v=fYRVQfdFHZ0

  1.  De effectieve gatdiameter uit de HART versie 1.1 hoofdstuk 10.3, 1 april 2015
  2. In de HART versie 1.1 hoofdstuk 10.2, 1 april 2015 wordt 16 ton genoemd als karakteristieke tankhoeveelheid; aangenomen is dat de vullingsgraad 88% is; de tankinhoud is dan 29 m3 .
  3. Handleiding risicoberekeningen transport, v1.1, hfst 10.4, RIVM, 1 april 2015.
  4.  Interventiewaarden worden door de hulpverleningsdiensten gebruikt om te bepalen of de bevolking moet worden gewaarschuwd interventiewaarden
  5. In Effects respectievelijk: city centre, cultivated land en open flat terrain
  6.  TNO 2015, rapport Bevorderen zelfredzaamheid spoorzone Moerdijk p. 56
  7. Het handelingsperspectief is afhankelijk van de weerscondities en het scenario. Een instantaan vrijkomende gaswolk zal eerder langsgewaaid zijn dan een langzaam vrijkomende vloeistof (plasverdamping). En hoe harder het waait hoe sneller het ergens (binnen) is voordat de ventilatie afgesloten is.
  8. Bij verdiepingen met een aansluiting op een schuin dak zijn vaker kieren waardoor buitenlucht naar binnen kan lekken
  9. Risicokaart; informatie over ammoniak
  10. Afschermen met waterschermen is mogelijk indien sprake is van een scenario met continu lekkage en via een inzet met gaspakken de lekkage wel kan worden gedicht
  11. goed werkend internet en mobiele telefonie, buurtalarmeringssysteem ten behoeve van zelfredzaamheid, risico communicatieplan toxische wolk
  12. Twee verschillende routes vanuit twee tegengestelde windstreken Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid 2019Hoofdstuk 4
  13. Verlies van capaciteit, die nodig voor gelijktijdige redding of eerste hulp aan slachtoffers is buitenbeschouwing gelaten, doordat deze situationeel is.
  14. De organisatie van de inzet slagkracht is regionaal afhankelijk
  15. Uitgangspunt: in het incidentgebied zullen brandweervoertuigen worden ingezet waar met ademlucht slachtoffers buiten worden vervoerd. Ook zal nacontrole van woningen plaatsvinden.
  16. Visie Grootschalig Brandweer Optreden 2012-2016 en
    Doorontwikkeling Grootschalig Brandweer Optreden(GBO) september 2018 visie 2.0
  17. Norm inzetbaarheid eerste basispeloton (alle 4 tankautospuiten) is 30 minuten  doorontwikkeling Grootschalig Brandweeroptreden p20
  18. In geval van een kleiner lek kan incidentbestrijding worden gericht op het dichten van het lek met gaspakken en afschermen met waterschermen via verdunnen/ opwervelen ammoniakwolk. In dat geval is de benodigde capaciteit 6000 l/min  3 tankautospuiten 3x2000l/min.(Peloton Grootschalige watervoorziening: Capaciteit: 2×4000 l/min over 1 km of 2 x 2000l/min over 2,5 km. Afstand locatie tot geschikte waterwinplaats en slangenweg bepaalt de inzettijd>1,5 uur.) Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid 2019bijlage 3
  19. Visie Grootschalig Brandweer Optreden 2012-2016 en Doorontwikkeling Grootschalig Brandweer Optreden(GBO) september 2018 visie 2.0
  20. De Nederlandse slachtofferregistratiekaart p.3. oktober 2006
  21. CBRN protocol  voor Ammoniak gas treed niet in werking: Protocol ontsmetting in ziekenhuizen.
  22. Leidraad GGB p.12 december 2015
  23. Leidraad GGB p.10 december 2015
  24. Voor kinderen is ander materiaal benodigd. Ouders en kinderen worden bij voorkeur bij elkaar geplaatst. Dit is een complexe factor in het gewondenspreidingsplan
  25. Alarmeer de GAGS. Elke situatie is immers anders; de GAGS kan de situatie inschatten op basis van berekeningen van de AGS, klachten, etcetera.